De jaarlijkse uitstroom van personeel heeft verschillende bestemmingen. Een deel van de uitstromers komt terecht in één van de sociale zekerheidsregelingen die we in Nederland kennen. Deze zijn bedoeld om de inkomensgevolgen van werkloosheid en arbeidsongeschiktheid op te vangen.
Sociale zekerheidscijfers
Ontwikkelingen in de sociale zekerheid staan voor de overheid vanuit haar rol als werkgever altijd in de aandacht. Op deze pagina worden de jaarcijfers voor de drie verschillende sociale zekerheidsregelingen in beeld gebracht.
Aantal WW uitkeringen (ultimo)
Medewerkers wiens contract niet verlengd wordt of die door hun overheidswerkgever ontslagen worden, krijgen een inkomen als gevolg van de Werkloosheidswet (WW).
Het aantal WW-uitkeringen van voormalig overheidsmedewerkers daalde in de afgelopen jaren behoorlijk: van bijna 2.700 WW-uitkeringen in 2017 tot minder dan 1.900 in 2021. Die daling was aan de ene kant het gevolg van een lagere instroom, maar werd vooral veroorzaakt doordat de uitstroom uit de WW in de betreffende periode hoger was dan de instroom. De aantrekkende economische conjunctuur zal daarin een rol hebben gespeeld: het werd in de loop van de afgelopen jaren eenvoudiger om een nieuwe baan te vinden. In 2023 en 2024 zien we weer een stijging in het aantal WW-uitkeringen die met name bij het Rijk en de gemeenten substantieel was. De totale kosten van WW uitkeringen van voormalig overheidspersoneel daalden van ruim 54 miljoen euro in 2017 tot iets meer dan 49,2 miljoen euro in 2024.
Aantal IVA uitkeringen (ultimo)
Voor medewerkers die arbeidsongeschikt raken bestaan twee regelingen. De IVA-uitkering is bedoeld voor mensen die minimaal 80 procent arbeidsongeschikt zijn met weinig of geen kans op herstel. Medewerkers die minder dan 80 procent arbeidsongeschikt zijn (en meer dan 35 procent) komen in aanmerking voor een WGA-uitkering. Die uitkering is ook beschikbaar voor werknemers die meer dan 80 procent arbeidsongeschikt zijn, maar met een redelijke kans op herstel. De IVA- en WGA-uitkeringen vervangen sinds 2006 de toenmalige arbeidsongeschiktheidsregeling WAO. De WAO kent dus sinds 2006 geen nieuwe instroom, maar er zijn nog wel overheidsmedewerkers die voor 2006 instroomden.
In bovenstaande figuur (Aantal IVA uitkeringen (ultimo)) is te zien dat het aantal (vrijwel) volledig en permanent arbeidsongeschikte medewerkers in de afgelopen jaren flink is toegenomen, van bijna 4.700 in 2017 tot meer dan 11.600 in 2024. Verhoudingsgewijs steeg het aantal bij de politie het sterkst, gevolgd door defensie en de gemeenschappelijke regelingen.
Noot: Vanwege hoge uitval van werkgeverscodes in de data, is de verdeling van de cijfers over de sectoren gemeenten en gemeenschappelijke regelingen niet betrouwbaar.
Aantal WGA Uitkeringen
Ook het aantal WGA-uitkeringen (gedeeltelijk arbeidsongeschikt of volledig arbeidsongeschikt met een redelijke kans op herstel) bij de overheid nam in de afgelopen jaren toe, van meer dan 7.800 in 2017 tot ruim 13.200 in 2021. In vergelijking met de groei van het aantal IVA-uitkeringen bij de overheid was dit een minder grote toename.
Noot: Vanwege hoge uitval van werkgeverscodes in de data, is de verdeling van de cijfers over de sectoren gemeenten en gemeenschappelijke regelingen niet betrouwbaar.
Aantal WAO uitkeringen (ultimo)
Het aantal WAO-uitkeringen bij de overheid daalde in de jaren 2017-2024 flink: van ruim 12.200 tot minder dan 5.800. Dat kan ook niet anders, er is immers sinds 2006 geen nieuwe instroom in de WAO mogelijk, terwijl er nog wel uitstroom is. Die uitstroom kan het gevolg zijn van het verdwijnen van de arbeidsongeschiktheid, maar veel vaker is het een gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.
Noot: Vanwege hoge uitval van werkgeverscodes in de data, is de verdeling van de cijfers over de sectoren gemeenten en gemeenschappelijke regelingen niet betrouwbaar.
Totale arbeidsongeschiktheid bleef gelijk
We hebben gezien dat het aantal voormalige overheidsmedewerkers dat gebruikt maakt van IVA en WGA toeneemt en dat het gebruik van de oude regeling (WAO) afneemt. Per saldo groeide de totale populatie van arbeidsongeschikten bij de overheid (geheel, gedeeltelijk, nieuwe regelingen, oude regeling) van 24.600 in 2017 30.600 in 2024. Omdat de omvang van het personeelsbestand in diezelfde periode ook toename, bleef het aandeel arbeidsongeschikten ten opzichte van het aantal werkzame personen min of meer gelijk: 5,4 procent in 2017 en 5.3 procent in 2024.