Na afloop van het werkzame leven krijgen vrijwel alle Nederlanders één of meer vormen van pensioen. De Algemene Ouderdomswet (AOW) is het basispensioen van de Nederlandse overheid, de hoogte hangt af van het aantal jaren dat men in Nederland gewoond of gewerkt heeft. Daarnaast sparen werkgevers en werknemers samen voor een aanvullend pensioen. Bijna alle overheidswerkgevers zijn aangesloten bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP).
Langer doorwerken
Langer doorwerken is een van de belangrijkste thema’s op pensioengebied in de afgelopen tientallen jaren. Door de vergrijzing stijgt het aantal gepensioneerden in verhouding tot het aantal werkenden, bovendien leven mensen langer dan in de tijd dat de huidige pensioenregelingen in het leven werden geroepen. In de loop der jaren zijn er daarom allerlei afspraken gemaakt om de pensioenleeftijd op te trekken: vanaf 2013 is de AOW-leeftijd gaan stijgen van 65 jaar naar 67 jaar in 2024. In 2028 wordt de AOW-leeftijd met drie maanden verhoogd. Nederlanders met het geboortejaar 1961 zullen dan hun eerste AOW ontvangen als ze 67 jaar en 3 maanden oud zijn.
Uitstroom naar (pre)pensioen
De bovenstaande figuur (Uitstroom naar (pre)pensioen) maakt duidelijk dat de uitstroom van overheidsmedewerkers naar pensioen- en prepensioenregelingen in de afgelopen jaren gestegen is. Gingen er in 2015 bijna 8.300 overheidsmedewerkers met (pre-) pensioen, in 2024 waren dat er ruim 11.400, een stijging van 50 procent. Toch lijkt de grote stijging van de uitstroom voorbij: 2020 was voor veel sectoren het hoogste punt, in de 3 jaren daarna was de uitstroom in de meeste sectoren lager, 2024 daarentegen laat over de hele linie weer een stijging zien.
Rijk Gemeenten Provincies Waterschappen Gemeenschappelijke Regelingen Rechterlijke Macht Defensie Politie 2015 2168 3276 235 196 764 56 869 701 2016 3464 3178 291 213 770 63 937 1042 2017 2540 3308 297 175 918 47 808 1476 2018 2393 3457 319 234 974 71 920 1445 2019 2723 3275 306 180 932 86 909 1455 2020 3690 4309 358 267 1184 91 1097 1608 2021 2813 4311 350 246 1190 91 1008 2036 2022 2899 3823 306 218 1048 80 949 1908 2023 3073 3719 313 216 948 92 1133 1755 2024 3377 4286 321 264 1055 103 1211 1790
Gemiddelde pensioenleeftijd (incl. prepensioen)
In de inleiding van deze pagina werd gewezen op het optrekken van de pensioengerechtigde leeftijd. De resultaten daarvan zijn ook bij overheidswerknemers goed te zien. In de afgelopen 10 jaren nam de gemiddelde leeftijd waarop men bij de overheid met (pre-) pensioen ging met flink toe, van 63,6 naar 65,4 jaar, een stijging met bijna twee jaar.
In de bovenstaande figuur (Gemiddelde pensioenleeftijd (incl. prepensioen)) is te zien dat medewerkers bij de rechterlijke macht inmiddels gemiddeld 67,2 jaar oud zijn als zij met pensioen gaan. De grootste stijging deed zich voor bij defensie, daar is men bezig met een inhaalslag. In 2015 ging men in die sector nog gemiddeld op hun 59,5-ste met (pre-) pensioen, in 2024 was die leeftijd gestegen tot 62,4 jaar.
Rijk Gemeenten Provincies Waterschappen Gemeenschappelijke Regelingen Rechterlijke Macht Defensie Politie 2015 63,8 64,2 63,9 64,5 63,8 65,9 59,5 63,5 2016 64,1 64,5 64,4 64,6 64,1 66,8 59,2 63,9 2017 64,2 64,7 64,9 65,1 64,2 66,6 59,7 64,1 2018 64,5 64,9 65 64,6 64,4 67,7 60,3 64,2 2019 64,7 65,1 64,9 65 64,8 66,5 60,3 64,2 2020 65 65,4 65,5 65,5 65,1 67 61,1 64,4 2021 65,6 65,4 65,3 65,6 65,1 67,6 62,5 64,6 2022 65,4 65,4 65,4 65,6 65 67,1 62,3 64,4 2023 65,6 65,6 65,9 65,7 65,5 67,2 62,1 64,5 2024 65,7 65,8 65,8 65,8 65,7 67,2 62,4 64,5
Uitstroom naar (deeltijd)pensioen voor AOW-leeftijd
Ruim 7.400 overheidsmedewerkers waren jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd toen zij in 2024 met pre- of deeltijdpensioen gingen. De langetermijntrend is een stijging van deze categorie van pensionering. Tegelijkertijd zien we van jaar op jaar soms flinke fluctuaties, zoals in 2021 toen het aantal uitstromers bij het Rijk duidelijk lager was dan in het voorgaande jaar en het jaar daarna.
Rijk Gemeenten Provincies Waterschappen Gemeenschappelijke Regelingen Rechterlijke Macht Defensie Politie 2015 1453 1780 167 96 465 24 630 550 2016 2523 1426 153 88 426 15 693 794 2017 1870 1522 149 69 526 11 572 1166 2018 1638 1617 157 119 553 13 692 1122 2019 1876 1696 175 92 541 35 693 1200 2020 2088 1858 145 104 598 26 779 1145 2021 1117 1743 165 95 621 20 611 1602 2022 1518 1937 161 102 622 28 686 1595 2023 1790 1901 147 106 511 30 872 1462 2024 1916 2229 168 131 562 40 907 1485