Op deze pagina worden cijfers getoond over de inhuur van extern personeel bij het Rijk en bij gemeenten, provincies en waterschappen. De cijfers zijn door de sectoren zelf verzameld waardoor de definities en berekeningswijze niet voor alle sectoren identiek zijn.
Personeelskosten Rijksoverheid
(in miljoenen euro)
De salarisuitgaven in 2024 bedroegen 14,3 miljard euro. Dit is een stijging van meer dan 15 procent ten opzichte van 2023. Gemiddeld namen deze uitgaven in de afgelopen drie jaar toe met 11, 5 procent per jaar. Deze stijging komt grotendeels door de toename van het aantal fte met in combinatie met de loonstijging door de cao-akkoorden in 2022 en 2024 (bron: CAO Rijk).
De salarisuitgaven zijn sinds 2017 met ruim 6,3 miljard euro gestegen, van 8,0 miljard naar bijna 14,3 miljard euro.
Aandeel uitgaven aan externe inhuur t.o.v. uitgaven personeel (%)
De Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk licht dit als volgt toe: In 2024 bedroegen de totale uitgaven aan externe inhuur 3,67 miljard euro. Dit is 15,4 procent van de totale personele uitgaven. De zogenaamde Roemernorm schrijft een maximum voor van 10 procent voor het aandeel externe inhuur in de totale personele uitgaven (bron: Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2024).
Veel rijksbreed opererende uitvoeringsorganisaties maken gebruik van een flexibele schil om efficiënt om te kunnen gaan met fluctuerende opdrachtportefeuilles. Daarom komt een normoverschrijding vaak voor. Daarnaast is inhuur van specialistische (ICT-) kennis nodig. Mede door de krapte op de arbeidsmarkt is het lastig deze specialisten in dienst te krijgen. In de departementale jaarverslagen staan inhoudelijke toelichtingen op de normoverschrijdingen.
In de jaarrapportage hanteert men een andere noemer dan andere overheden die elders aan de orde komen op deze pagina. Provincies, gemeenten en waterschappen delen door het totaal van de loonsom + uitgaven aan externe inhuur. Wanneer diezelfde berekeningswijze wordt gehanteerd voor het rijk, dan zou men in 2022 uitkomen op een percentage van 19 procent.
Aantal uitzendkrachten werkzaam in het vierde kwartaal
Het aantal uitzendkrachten (in het vierde kwartaal) kende in 2019 een piek van bijna 6.600 personen. In 2024 was dat aantal teruggelopen tot ruim 4.900 personen, het laagste niveau sinds 2018 (bron: Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2024).
Aandeel uitgaven gemeenten aan externe inhuur t.o.v. uitgaven personeel (%)
Het inhuurpercentage bij gemeenten is in de afgelopen jaren toegenomen en bedroeg in 2023 18,4 procent van de totale uitgaven aan personeel. Bij de G4 was er in de afgelopen jaren sprake van een afname het aandeel externe inhuur (bron: Personeelsmonitor Gemeenten 2024, A&O fonds Gemeenten).
Aandeel uitgaven provincies aan externe inhuur t.o.v. uitgaven personeel (%)
De provincies zijn de enige sector waar het inhuurpercentage in de afgelopen jaren vrijwel onafgebroken daalde. In 2017 was dit percentage fors hoger, op dit moment zitten provincies op 16,0 procent van de totale uitgaven aan personeel (bron: Personeelsmonitor Provincies 2024, A&O fonds Provincies).
Aandeel uitgaven waterschappen aan externe inhuur t.o.v. uitgaven personeel (%)
Bij de waterschappen is het aandeel van de inhuur in de totale uitgaven aan personeel in de afgelopen jaren gestegen. Ook in 2024 was er sprake van een stijging, naar 22,5 procent (bron: HR-monitor Sector waterschappen 2023 en eerdere jaren, A&O fonds Waterschappen).
Loonsom overheid (raming in miljoenen euro)
Bij de rijksoverheid, gemeenten en de provincies nam de loonsom in de afgelopen jaren duidelijk toe. Die toename is het gevolg van zowel de groei van het aantal voltijd banen als van loonstijgingen afgesproken in de cao's (bron: Ministerie van BZK, 2024).