
En je hebt zelf ook een brandbrief meegemaakt, een keer,
naar aanleiding van een uitlating van de toenmalige minister Blok,
over de mate waarin we ons in moeten spannen voor een multiculturele
samenleving. We hebben recent gezien, er zijn ook sit-ins geweest,
rond verzet van medewerkers tegen
ontwikkelingen in het Midden-Oosten, kunnen we dat dan netjes zeggen.
Maar het gaat wel om: hoe verhouden we ons
tot Israël en Palestina?
Dat roept toch de vraag op, van: wat kun je nou als
leidinggevende doen als je ziet dat in een organisatie ook ongemak is
over hoe we ons verhouden tot die
wereld waar je, over je gaat?
Dat is lastig. Ik denk het belangrijkste wat je kunt doen,
wat je moet doen is het niet onder de,
onder het tapijt schuiven. Maar
erkennen dat er, dat deze onvrede
bestaat en dat die ook geadresseerd moet worden.
Dus dat is het belangrijkste, van: we gaan niet zeggen dat dit
een klein ding is wat niet belangrijk is.
Dit is voor, een groot deel van de mensen ervaart dit zo,
dus we moeten hier iets mee doen.
Dus één, denk ik, erkenning en luisteren.
En het tweede is dan ook van: wat kun je nou doen
om dat verder te brengen? In het geval wat je net noemt
hebben we dus ook gesprekken georganiseerd, van
de minister met de ondertekenaars van de brief, een vertegenwoordiging
daarvan. Maar ook met groepen
BZ-medewerkers om daar het gesprek over te voeren.
Ik zeg niet dat je daarmee onmiddellijk alles oplost,
maar je. Wat ik zeg, erkenning en het gesprek
erover aangaan en vanuit daaruit komen
tot oplossingen, was voor mij in dit geval
de belangrijkste tool die je in je toolbox hebt.
Dus in dit geval, de casus is dat, de minister zegt dan
publiekelijk dingen over, dat ging over een multiculturele samenleving die
hij niet echt zag werken. Dat we, zo vat
ik het even samen, mijn herinnering.
2018 was het.
2018. Dat landt niet goed binnen jouw eigen organisatie.
En dan ga je dus die
tafels organiseren, groepen, gesprekken en zo?
Even één correctie: het was niet een publieke, het
was een besloten bijeenkomst.
Het was een besloten bijeenkomst.
Waarin dat plaatsvond.
Dat lekte naar buiten, of dat kwam naar buiten.
Het was een besloten bijeenkomst met Nederlanders die bij internationale
organisaties werkten. Dus je moet dat ook wel meenemen.
Het was niet een publieke uitlating.
Zo gaat dat.
Die heeft daar een opname van gemaakt en vervolgens.
Het was niet de bedoeling van de minister om te bruuskeren op
dat moment, bedoel je dat?
Het was een besloten bijeenkomst waar je, denk ik,
je toch anders opstelt dan wanneer je een publieke bijeenkomst hebt.
Maar dat, even om dat te corrigeren.
Iemand had daar een opname van gemaakt en dat was volgens mij
toen gelekt naar Zembla, of een van de programma's.
En daarmee werd het publiek.
En dus ook een politiek feit.
Zeker.
Je zit er.
Gaan adresseren.
En is, wat is jouw rol dan?
Dus gesprekken initiëren met medewerkers, zeg je?
Ook met de minister uiteraard.
Ook met de minister.
Hoe ziet zo'n dag eruit, of zo, als zoiets is gebeurd?
Jij krijgt het dan toch ook tot je.
Het speelde niet op één dag.
De toespraak van die minister vond plaats, en de volgende dag duurde
het even voor die.
Dat bouwt een beetje op, en dan.
Het bouwt op en dan is er fallout in de media.
Intern, waar we het net over hadden, maar ook naar de betreffende
landen zelf, want die stonden ook ineens in de schijnwerper.
Dus Suriname in dit geval, onder andere, dus je moet ook aan
het werk om, dus langs die drie poten
moet je acties ondernemen.