
Waar ik me vooral mee bezig moest
houden in die eerste periode is:
hoe het werkt in Den Haag.
Dat vond ik van het begin
af aan heel fascinerend.
Ik kwam ook in een hele
bijzondere periode binnen.
Medy van der Laan was
staatssecretaris Cultuur en Media,
maar ik was nog geen drie,
vier weken binnen en toen viel
het kabinet-Balkenende II.
Volgens mij stapte Thom de Graaf er uit.
Toen moesten ze opnieuw met elkaar
om de tafel om het Paasakkoord te
sluiten.
Tot dat moment waren media en de
publieke omroep geen onderdeel van
politieke afspraken. In dat
hernieuwde akkoord werd het dat wel.
Dat was een bepalend moment
voor mij, dat ik dacht: oh,
zo gaat het hier in Den Haag.
Je stapt in een beleidsdirectie
die al zorgvuldig bezig was met
mediabeleid.
Er was net een WRR-rapport uitgekomen
met allerlei aanbevelingen erin.
Binnen vier, vijf weken was er
eigenlijk een politiek akkoord gesloten.
Toen realiseerde ik me wel voor
het eerst dat de ratio niet altijd
overheerst, en dat er soms ook echt
politieke deals worden gesloten.
Je zet ratio tegenover politieke deals.
Er was een heel tijdpad uitgestippeld
samen met de staatssecretaris.
We zouden eerst het WRR-rapport afwachten,
en op basis daarvan een voorstel maken.
Daar werd al hard aan gewerkt.
Ineens kwam daar een hernieuwde
politieke afspraak overheen.
Deal is misschien niet het goede woord,
maar daar heb ik voor het eerst wel
gemerkt dat de actualiteit altijd door heen kan gaan.
Dat was een goede les. Dat is
later ook nog wel vaker gebeurd.