
Dat was best spannend, want het rapport van de OVV over het detentieverloop van Michael P. kwam uit in, moeten jullie mij even helpen, 2017. Het was in ieder geval na de jaarwisseling 2016 of 2017. Dat was echt een hele spannende tijd, want je krijgt pas vlak van te voren te horen wat er in zo'n rapport staat. Maar wij hadden natuurlijk niet stilgezeten. Op justitie hadden we zelf ook wel nagegaan en we hadden zelf de indruk van: daar is het niet goed gegaan en daar zitten kwetsbare punten Dus je voelt aan: dit wordt een vervelend, heftig rapport, waarin de fouten worden blootgelegd. Het was sowieso beladen, want het was het eerste OVV-rapport na het rapport waar Jeanine Hennis op moest aftreden. Het rapport naar de kwestie in Mali destijds. Hoe dat is gelopen of waar het vandaan kwam? Ik weet het nog steeds niet precies, maar op een gegeven moment ging het gerucht dat iemand gezegd zou hebben op een nieuwjaarsreceptie in de nabijheid van de OVV: dit wordt het Mali-rapport voor justitie. Bij ons schoot iedereen in de kramp, want iedereen dacht: o, shit. Wat staat hierin? Mali-rapport Defensie, daar is een minister op afgetreden, dus ja, de kans is groot dat dit een rapport is waar de minister op moet aftreden. Dat legde een enorme spanning en beladenheid op de politiek-ambtelijke verhoudingen. Hoe uitte zich dat? Grappig genoeg een tijd niet. Ja, echt héél pijnlijk. Maar op een gegeven moment kwam mijn politiek assistent naar me toe, Annemarie en die zei: joh, Sander, weet jij dat er in de top van dit ministerie nagedacht wordt over de scenario's dat jij moet aftreden? Toen zei ik tegen d'r, ik zeg: wat interessant. Wanneer zouden ze dat met mij gaan bespreken? Maar je voelt die spanning wel en ik realiseerde me dat ook. Ik dacht: Je bent ministerieel verantwoordelijk. De moord op Anne Faber was weliswaar voor mijn tijd, maar ja, dat hoort bij het vak.
Het werd niet besproken. Toen dacht ik: dit is niet goed. Dat helpt ons in de politieke ambtelijke verhoudingen ook niet, om ervoor te zorgen dat we straks een goede reactie op dat rapport geven. Ik dacht toen: ik moet dit bespreekbaar maken. Ik had een team samengesteld al voordat het rapport kwam. Ik dacht: we moeten klaar zijn om dat in korte tijd daar een antwoord op te geven, ook naar de Kamer. Dan weten we allemaal, komt er een groot, spannend debat. Dat heb ik daar toen bespreekbaar gemaakt. Ik zeg: ik heb het gerucht vernomen dat sommigen van jullie zich zorgen maken over mijn positie. Toen heb ik ook gezegd: jullie moeten weten dat als dat zo is, Dat hoort bij het vak. Dat is niet erg. Dan, als er geen steun is in de Kamer, dan moet je vertrekken als minister. Dan zal ik gaan, maar ik zei: ik lees de ministeriële verantwoordelijkheid niet in er is iets ergs gebeurd en de minister moet vertrekken. Maar is de minister in staat om fouten onder ogen te zien en daar ook wat aan te doen? Toen heb ik dat met mijn ambtenaren besproken. Ik zei: als we aan het einde van het debat tot de conclusie komen dat er geen steun meer is in de Kamer, dan houdt het op. Laten we in ieder geval er alles aan gedaan hebben om het zo goed mogelijk te doen. Want als dat de uitkomst is, dan heb ik er vrede mee. Ik zou het vervelend vinden als we nu de komende weken enorm verkrampt gaan zitten doen en van: hoe moeten we dit verkopen of hoe moeten we dit verklaren, vertellen of uitleggen aan de Kamer?
En dat we tot de conclusie komen dat het niet goed is gegaan. Ik zag wel iets in die verkramptheid destijds bij Defensie rond de kwestie Mali. Ik zeg: daar kunnen we ook van leren, dus wees open over wat er fout is gegaan. Toon berouw. Laat zien dat je alles uit de kast trekt om de kans dat dit nog een keer gebeurt, zo klein mogelijk te maken. Doe dat oprecht. Dan denk ik dat als we dat doen, dat een meerderheid in de Kamer dat ook best gelooft.