Mijn observatie is dat de inhoudelijke zelfstandigheid van de topambtenaren - laat ik maar even gemakshalve zeggen, de topambtenaar, topambtenaren - laat ik maar even gemakshalve zeggen, de topambtenaar, maar het kunnen ook ambtenaren zijn - de inhoudelijke, zelfstandige functie die essentieel is voor het systeem, dat die de afgelopen twintig jaar stapje voor stapje voor stapje voor stapje afgebroken is, of afgegleden is, of hoe je dat wil noemen.
Door twee oorzaken: om te beginnen door die Oekaze-Kok die iets zei over hoe je naar buiten moest treden. Maar ook omdat er in diezelfde tijd een ander, ook een andere wind ging waaien, namelijk, toen werd het woord 'politiek bestuurlijk' werd min of meer uitgevonden.
En de boodschap was: ambtenaren moeten niet alleen van de inhoud zijn, maar ze moeten zich goed kunnen inleven in de politiek bestuurlijke wereld van de politiek. En dat.. . Dat blijkt heel plausibel, maar het is, het blijkt achteraf veel te ver doorgeslagen te zijn in mijn ogen, samen met die Oekaze-Kok.
Dus je ziet daarmee de twee functies inhoudelijk zelfstandig versus politiek. Zie je dus, zie je die in die ambtelijke kant, zie je steeds meer naar die politieke kant schuiven. Verder weg van de inhoud en dichterbij de bewindslieden.
En, die Oekaze-Kok die zegt dan ook van: "Ja, nee, maar je gaat als topambtenaar niet meer zelfstandig van alles vinden. Daar hebben wij geen zin in." En die combinatie van dingen heeft er dus voor gezorgd dat het inhoudelijke geluid - in mijn ogen - behoorlijk weg is.
Ook gemist word in de maatschappij, ook in het politieke debat.
En niet alleen in het politieke debat, want politiek, dat klinkt allemaal zo plechtig van: nu is het politiek en nu is het niet politiek. Kijk, we hebben tegenwoordig die praatprogramma's, OP1, en weet ik wat allemaal, daar zitten dus allerlei mensen dingen te beweren over de toeslagenaffaire, over het gas in Groningen,
over alle mogelijke dingen die niet goed gaan bij de overheid.
En tot mijn frustratie zit daar nooit een DG, omdat die daar, Oekaze-Kok, al 20 jaar het bericht krijgt van:
ja, maar daar hoor jij niet te zitten.
Dus dat doen ze liever niet, misschien mogen ze het inmiddels wel, maar ze doen het liever niet, ze
zijn er niet in opgeleid.
Wij waren daar nog wel een beetje in opgeleid, maar de huidige generatie denkt: laat maar zitten, risicovol, politiek, nee, daar gaan we niet heen.
En het inhoudelijke geluid, niet wat je er van vindt en wat ermee moet gebeuren, ontbreekt dus in het debat. En dus zie je bij die talkshows een royaal aantal influencers, allerlei politici uit de Kamer.
Maar je ziet dus niet een inhoudsdeskundige die zonder oordeel zegt: ik zal u even zeggen hoe het zit. Dus bijvoorbeeld als ik het UWV als voorbeeld neem, dat sluimert nu, dan zou ik het buitengewoon verstandig vinden als de DG van het UWV ook zelfstandig in zo'n talkshow komt. En gewoon uitlegt om hoeveel
mensen het gaat, uitlegt wat er gebeurd is, ook uitlegt van hoe hij in technische zin denkt dat het nog gaat duren voordat iedereen geholpen wordt.
En dan komt ongetwijfeld de vraag: maar bent u het daar mee eens en moet het niet sneller? En dan kom je dus op het politieke vlak en dan moet hij dus zeggen: luister eens, nee, daar ga ik niet over, dat is een politieke beslissing.
Dus zo ingewikkeld is het niet.